Rb. Gelderland: contractsvrijheid staat contracteerverplichting zorgverzekeraar in de weg
Rb. Gelderland 23 april 2026, LS&R 2408; ECLI:NL:RBGEL:2026:5079 (Morecare Clinics tegen VGZ). In deze zaak tussen MoreCare Clinics en VGZ staat de vraag centraal of VGZ verplicht kan worden een zorgovereenkomst te sluiten met MoreCare Clinics voor bariatrische zorg (de medische behandeling van ernstig overgewicht). MoreCare Clinics stelt dat VGZ met de weigering om te contracteren in strijd handelt met haar zorgplicht (artikel 11 Zorgverzekeringswet), het hinderpaalcriterium (artikel 13 Zorgverzekeringswet), de redelijkheid en billijkheid, de doelstellingen van het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af. Volgens de voorzieningenrechter brengt het stelsel van de Zorgverzekeringswet mee dat zorgverzekeraars in beginsel vrij zijn om te bepalen met welke zorgaanbieders zij een overeenkomst sluiten. MoreCare Clinics exploiteert een zelfstandig behandelcentrum voor bariatrische chirurgie. VGZ weigert al meerdere jaren een zorgovereenkomst aan te bieden, omdat haar inkoopbeleid voorschrijft dat alleen zorgaanbieders in een ziekenhuissetting met een intensive care op locatie worden gecontracteerd wanneer zij ook ASA 3-patiënten (patiënten met een ernstige systematische aandoeningen) opereren. MoreCare Clinics vindt dat dit beleid achterhaald is en wijst erop dat andere zorgverzekeraars, de relevante beroepsvereniging en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd geen bezwaar hebben tegen behandeling van deze patiëntengroep in haar kliniek. Volgens VGZ is het beleid bedoeld om de veiligheid van verzekerden te waarborgen. De voorzieningenrechter oordeelt dat VGZ in beginsel zelf haar inkoopbeleid mag bepalen, zolang dat objectief, transparant en niet-discriminerend wordt toegepast. In dit kort geding is onvoldoende aannemelijk geworden dat VGZ haar beleid inconsistent toepast of dat zij in redelijkheid niet tot dit beleid heeft kunnen komen. Voor een inhoudelijke beoordeling van de medische discussie over de behandeling van ASA 3-patiënten biedt deze procedure geen ruimte.