Indeling Choline Chloride
Rechtbank Haarlem 17 januari 2011, LJN BP2427 (X tegen de inspecteur van de Belastingdienst)
Belastingzaak. Handelsvergunningen verleend voor - generieke - geneesmiddelen Ciclosporine. Beroep ingesteld door de innovator (Novartis). Gelet op de wetenschappelijke beoordeling van het Comité voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik, heeft het College ter beoordeling van geneesmiddelen niet in redelijkheid heeft kunnen concluderen dat de geneesmiddelen Ciclosporine Heumann generieke geneesmiddelen zijn. Dit geldt niet voor de geneesmiddelen Ciclosporine Actavis en Ciclosporine PCH. Niet gebleken is dat deze geneesmiddelen, die zijn toegelaten via de procedure van wederzijdse erkenning, een mogelijk ernstig risico voor de volksgezondheid zouden kunnen vormen.
2.1. Eiseres heeft de bti aangevraagd voor het product choline chloride 60% CC. In de aanvraag voor de bti is het product als volgt omschreven:
“ Choline chloride op corn cobs (maiskolf). Choline chloride is een vitamine (B4) die wordt gebruikt in dierenvoeding (en in humane voeding). Net als de andere vitaminen wordt vitamine B4 opgemengd volgens een recept in een premix. Ons bedrijf produceert deze voedingsconcentraten (premixen) voor levering aan de “compound feed industry”. Naast de werking als vitamine B4 wordt de stof Choline (echter niet in de vorm van Choline chloride) ook geleverd aan de industrie voor andere, non food related toepassingen, zoals het harden van glazen ramen.”
Eiseres heeft in de aanvraag verzocht het product in te delen onder de GN-code 2936 2990.
5.3.3. Eiseres heeft gesteld dat het product niet onder deze GN-post kan worden ingedeeld omdat het niet kan worden aangemerkt als een bereiding van de soort gebruikt voor het voederen van dieren daar het product als zodanig geen voedingswaarde heeft. Grondstoffen voor diervoeders, zoals het product, vallen, aldus eiseres, niet onder deze GN-post. Deze stelling treft geen doel. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.
5.3.4. Uit de bewoordingen van de post, in het bijzonder die van GN-code 2309 90 20, volgt dat ook zogenaamde “premelanges” onder deze post worden begrepen. Onder een premelange moet in dit kader worden verstaan een product dat tot stand is gekomen door het mengen van twee of meer producten alvorens het te verkopen, te gebruiken of nader te vermengen. Het product is in de aanvraag voor de bti omschreven als een premix voor dierenvoeder welke kwalificatie door verweerder niet is bestreden. Aan de term ‘premelange’ en ‘premix’ dient, in het kader van de uitlegging van de onderhavige GN-code, een gelijke betekenis te worden toegekend. Dit houdt in dat de stelling van eiseres geen grond vindt in de bewoordingen van de GN-post. Nu tussen partijen vaststaat dat het product een premix voor dierenvoeder is; het gehalte choline chloride 60 althans meer dan 49 gewichtspercenten bedraagt en het maïskolvenmeel een organische drager is, voldoet het product aan alle kenmerken benodigd voor indeling onder de door verweerder op de bti vermelde GN-post. Het gelijk is aan verweerder.
Geneesmiddel. Volgens de farmaceuten is het toepassen door de zorgverzekeraars van een preferentiebeleid ten aanzien van geneesmiddelen met bepaalde werkzame stoffen niet toegestaan. Niet voldaan is aan het relativiteitsvereiste (art. 6:163 BW) omdat, voorshands geoordeeld, art. 2.8 Besluit zorgverzekering niet strekt tot bescherming tegen de schade die de farmaceuten stellen te lijden. De voorzieningenrechter komt niet toe aan de beantwoording van de vraag of en in hoeverre het beweerde handelen in strijd met het Besluit zorgverzekering door de zorgverzekeraars bijdraagt tot het oordeel dat een zorgvuldigheidsnorm is geschonden die wèl bescherming biedt tegen de schade zoals de farmaceuten die (zullen gaan) lijden. Aan de farmaceuten wordt feitelijk geen effectieve rechtsbescherming onthouden. Vorderingen worden afgewezen.
Geneesmiddel. Maximumprijs. Bij besluit van 19 februari 2009 heeft de minister de bijlage bij de
Bij besluit van 15 april 1999 heeft het College de aanvraag van ARTU tot inschrijving van het middel Oralgen Pollen, druppelvloeistof, in het register van farmaceutische specialités, afgewezen.
Intrekking van de handelsvergunning voor een homeopatisch zelfzorggeneesmiddel met therapeutische indicatie op de verpakking en in de bijsluiter op grond van
Uitspraak ingezonden door Ruprecht Hermans,
Richtlijnen
Octrooirecht. Eiser Bayer stelt dat Abbott met het geneesmiddel Humira inbreuk maakt op eisers Europese octrooi 
Bij besluit van 15 februari 2010 heeft de minister de bijlage van de