Octrooirecht  

LS&R 2435

Uitspraak ingezonden door Martijn de Lange, Octrooicentrum Nederland.

Geen ABC voor nieuwe therapeutische toepassing van cladribine na eerdere handelsvergunningen

Rechtbank Den Haag 5 aug 2026,, LS&R 2435; ECLI:NL:RBDHA:2026:21645 (Merck Serono tegen Octrooicentrum Nederland), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-abc-voor-nieuwe-therapeutische-toepassing-van-cladribine-na-eerdere-handelsvergunningen

Rb. Den Haag 5 augustus 2026, IEF 23740; LS&R 2435; ECLI:NL:RBDHA:2026:21645 (Merck Serono tegen Octrooicentrum Nederland). In deze zaak bepaalt de bestuursrechter of Octrooicentrum Nederland (hierna: OCNL) terecht weigert aan Merck Serono S.A. (hierna: Merk) een aanvullend beschermingscertificaat (hierna: ABC) te verlenen voor het product cladribine. Merck dient op 22 februari 2018 een ABC-aanvraag in onder inroeping van Europees octrooi EP 1 827 461 voor een behandelingsregime met cladribine bij multiple sclerose en de Europese handelsvergunning uit 2017 voor Mavenclad®, waarvan cladribine de werkzame stof is. Het OCNL wijst de aanvraag af wegens strijd met artikel 3 onder d van Verordening (EG) nr. 469/2009, omdat cladribine al eerder als geneesmiddel is toegelaten: in 1995 voor Leustatin® en in 2004 voor Litak®, beide voor de behandeling van haarcelleukemie. Merck stelt dat de handelsvergunning voor Mavenclad® desondanks als relevante eerste handelsvergunning moet gelden, omdat Mavenclad® het eerste gebruik van cladribine voor de behandeling van multiple sclerose betreft, het basisoctrooi op deze tweede medische indicatie ziet en voor Mavenclad® een volledig de novo ontwikkelingstraject met klinische studies is doorlopen. Volgens Merck biedt het arrest Santen niet het juiste toetsingskader en moet aansluiting worden gezocht bij het eerdere arrest Neurim. Subsidiair verzoekt zij de rechtbank prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie te stellen, mede onder verwijzing naar de prejudiciële vragen van het Duitse Bundespatentgericht in de parallelle Boehringer-zaak. Partijen zijn het erover eens dat aan artikel 3 onder a, b en c van de ABC-verordening is voldaan; uitsluitend de voorwaarde van artikel 3 onder d is in geschil.

LS&R 2433

Doseringspatent op rivaroxaban vernietigd wegens gebrek aan inventiviteit

Hof Den Haag 28 jul 2026,, LS&R 2433; ECLI:NL:GHDHA:2026:2481 (Sandoz tegen Bayer), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/doseringspatent-op-rivaroxaban-vernietigd-wegens-gebrek-aan-inventiviteit

Hof Den Haag 28 juli 2026, IEF 23731; LS&R 2433; ECLI:NL:GHDHA:2026:2481 (Sandoz tegen Bayer). Bayer is houdster van Europees octrooi EP 1 845 961 B1 voor, kort gezegd, het gebruik van een tablet met snelle afgifte van rivaroxaban voor de behandeling van trombo-embolische aandoeningen, waarbij het middel gedurende ten minste vijf opeenvolgende dagen niet meer dan eenmaal per dag wordt toegediend. Sandoz vorderde vernietiging van het Nederlandse deel van dit doseringsoctrooi. Anders dan de rechtbank oordeelt het hof dat een patiënteninformatieformulier met bijbehorend boekje uit de Einstein-studie vóór de prioriteitsdatum tot de stand van de techniek was gaan behoren. Bayer had erkend dat de documenten vóór die datum aan tien patiënten waren verstrekt, onder wie twee Nederlandse patiënten. Die Nederlandse patiënten waren niet expliciet of impliciet tot geheimhouding verplicht en hoefden de documenten niet terug te geven; één exemplaar was juist voor de patiënt bestemd. Daarmee waren zij leden van het publiek en konden zij de documenten vrijelijk aan derden tonen of doorgeven. Voor openbare toegankelijkheid in de zin van artikel 54 lid 2 EOV is niet vereist dat de informatie aantoonbaar daadwerkelijk verder is verspreid. Voldoende is dat een lid van het publiek daarvan kennis kon nemen en niet door een geheimhoudingsverplichting in het gebruik of de verspreiding werd beperkt.

LS&R 2159

Brief minister EZK: start United Patent Court (UPC)

Vanaf 1 juni 2023 zal het Europese octrooisysteem efficiënter en eenvoudiger worden door de introductie van het unitair octrooi en de oprichting van het United Patent Court (UPC), zo schrijft de minister van Economische Zaken en Klimaat in een brief aan de tweede kamer. Nederland gaat deelnemen aan het UPC met een lokale visie in Den Haag.

Het unitair octrooi biedt de mogelijkheid om via één registratie octrooibescherming te verkrijgen in vrijwel alle lidstaten van de Europese Unie. Door het unitair octrooi en het UPC zullen nationale validaties en de daaraan verbonden administratieve verplichtingen (en vertaaleisen) niet langer nodig zijn. Middels het UPC kan bij één instantie een uitspraak worden verkregen ten aanzien van de geldigheid van of inbreuk op een Europees octrooi met werking in vrijwel heel Europa. Hiermee worden afzonderlijke, parallelle nationale procedures in de toekomst vermeden.

LS&R 2092

Geen verplichting tot betaling deel van eigen ontvangsten

Rechtbank Amsterdam 20 jul 2022,, LS&R 2092; ECLI:NL:RBAMS:2022:4047 (VUmc tegen gedaagden ), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-verplichting-tot-betaling-deel-van-eigen-ontvangsten

Rb. Amsterdam 20 juli 2022, IEF 20874, LS&R 2092; ECLI:NL:RBAMS:2022:4047 (VUmc tegen gedaagden) Het VUmc houdt zich onder andere bezig met het verrichten van medisch wetenschappelijk onderzoek. Gedaagden zijn onderzoekers. Gedaagden hebben tussen 2008 en 2010 een methode ontwikkeld om tumoren te kunnen opsporen. De aanspraak op octrooirechten komt toe aan het VUmc. Het VUmc verleende in 2012 een exclusieve licentie op de octrooien aan de vennootschap die is opgericht door gedaagden. In 2013 hebben gedaagden en het VUmc afspraken rondom de exit fee vastgelegd in een profit sharing agreement (PSA). Vervolgens is er tussen partijen discussie ontstaan over de uitleg van gemaakte afspraken. Het VUmc vordert onder meer dat de rechtbank voor recht verklaart dat het VUmc niet verplicht is om aan gedaagden een gedeelte te betalen van wat het VUmc zelf ontvangt onder de PSA. Het standpunt van gedaagden dat zij gedwaald zouden hebben ten aanzien van de invulling van het progressieve tarief in de PSA wordt niet gevolgd door de rechtbank. De gevorderde verklaring voor recht dat het VUmc niet verplicht is gedaagden een gedeelte te betalen van wat het zelf ontvangt onder de PSA en dat gedaagden geen recht hebben op een dergelijke betaling, wordt toegewezen.

LS&R 2090

Ook gevorderd verbod met betrekking tot dochtervennootschap toewijsbaar

Rechtbank Den Haag 19 jul 2022,, LS&R 2090; ECLI:NL:RBDHA:2022:7186 (Novartis tegen Pharmathen), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/ook-gevorderd-verbod-met-betrekking-tot-dochtervennootschap-toewijsbaar

Vzr. Rb. Den Haag 19 juli 2022, IEF 20858, LS&R 2090; ECLI:NL:RBDHA:2022:7186 (Novartis tegen Pharmathen) Novartis houdt zich bezig met de ontwikkeling en productie van geneesmiddelen. Pharmathen is een groep die bestaat uit verschillende farmaceutische ondernemingen op het gebied van generieke geneesmiddelen. Novartis meent dat Pharmathen met het produceren van haar octreotide LAR-producten inbreuk maakt op het octrooi van Novartis. Novartis vordert dan ook dat de voorzieningenrechter Pharmathen verbiedt inbreuk te maken op haar octrooi. Ook vordert zij dat Pharmathen derden (waaronder haar dochtervennootschap) instrueert de inbreuk op het octrooi van Novartis te staken. De voorzieningenrechter oordeelt dat het kenmerk zo opgevat moet worden dat in stap a van de geoctrooieerde werkwijze sprake moet zijn van op z’n minst een substantiële hoeveelheid lineair PLGA. 

LS&R 2089

Publieke consultatie herzien kader voor dwanglicenties voor octrooien

De Europese Commissie werkt aan een 'herzien kader voor dwanglicenties voor octrooien'. Na de Call for Evidence in april is nu de publieke consultatie gestart. Belanghebbenden kunnen tot 29 september 2022 meedoen aan deze openbare raadpleging door de online vragenlijst in te vullen. Met de reacties wordt rekening gehouden bij de verdere ontwikkeling en afstemming van het initiatief.

LS&R 2086

Onvoldoende waarschijnlijkheid bescherming farmaceutisch octrooi

20 feb 2018,, LS&R 2086; (Mylan tegen Icos), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/onvoldoende-waarschijnlijkheid-bescherming-farmaceutisch-octrooi

Hof van beroep Brussel 20 februari 2018, IEF 20812, IEFbe 3482, LS&R 2086; rolnr. 2018/KR/3 (Mylan tegen Icos) Zie ook de latere uitspraak: [LS&R 1764] en de gelijktijdige uitspraak: [IEFbe 3480]. Icos is een biotechnologisch bedrijf dat is overgenomen door de farmaceutische onderneming Eli Lilly & Company. Eli Lilly brengt het geneesmiddel Cialis op de markt, met als actieve bestanddeel tadalafil. Tadalafil maakt onderdeel uit van het octrooi EP 668 waarvan de beschermingsduur in 2017 is verstreken, na afloop van het aanvullend beschermingscertificaat 009. Icos is nog wel houder van het tweede generatie octrooi betreffende de doseringssamenstelling van tadalafil, genaamd EP 181. Het Hof oordeelt dat de bescherming die wordt ingeroepen door Icos omtrent EP 181 niet voldoende waarschijnlijk is, waardoor de vordering van Icos onvoldoende schijn van recht heeft om de door haar gevorderde maatregelen te verantwoorden. De vordering van Icos wordt daarom in hoger beroep als ongegrond bestempeld.

LS&R 2084

Bescherming door farmaceutisch octrooi onvoldoende waarschijnlijk

20 feb 2018,, LS&R 2084; (Sandoz tegen Icos), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/bescherming-door-farmaceutisch-octrooi-onvoldoende-waarschijnlijk

Hof van beroep Brussel 20 februari 2018, IEF 20813, IEFbe 3480, LS&R 2084; rolnr. 2018/KR/3 (Sandoz tegen Icos) Zie ook de latere uitspraak: [LS&R 1764]. Icos is een biotechnologisch bedrijf dat is overgenomen door de farmaceutische onderneming Eli Lilly & Company. Eli Lilly brengt het geneesmiddel Cialis op de markt, met als actieve bestanddeel tadalafil. Tadalafil maakt onderdeel uit van het octrooi EP 668 waarvan de beschermingsduur in 2017 is verstreken, na afloop van het aanvullend beschermingscertificaat 009. Icos is nog wel houder van het tweede generatie octrooi betreffende de doseringssamenstelling van tadalafil, genaamd EP 181. Het Hof oordeelt dat de bescherming die wordt ingeroepen door Icos omtrent EP 181 niet voldoende waarschijnlijk is, waardoor de vordering van Icos onvoldoende schijn van recht heeft om de door haar gevorderde maatregelen te verantwoorden. De vordering van Icos wordt daarom in hoger beroep als ongegrond bestempeld.

LS&R 2081

Uitspraak ingezonden door Jaap Bremer en Allard van Duijn, BarentsKrans.

Gerede kans dat octrooi wordt herroepen of vernietigd

Rechtbank Den Haag 21 jun 2022,, LS&R 2081; ECLI:NL:RBDHA:2022:5898 (Novartis tegen Mylan), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/gerede-kans-dat-octrooi-wordt-herroepen-of-vernietigd

Rb. Den Haag 21 juni 2022, IEF 20791, LS&R 2081; ECLI:NL:RBDHA:2022:5898 (Novartis tegen Mylan) In dit vonnis heeft de voorzieningenrechter alle vorderingen van Novartis afgewezen en Novartis in de proceskosten veroordeeld. In het tussenvonnis [IEF 20617] en [IEF 20619] had de voorzieningenrechter het door Novartis gevorderde verbod (gebaseerd op onrechtmatige daad) op verhandeling van het generieke product van Mylan vóór verlening van het octrooi (EP 894) al afgewezen. Nu wijst de rechter ook het gevorderde inbreukverbod (voor de periode na octrooiverlening) af, omdat er een serieuze, niet te verwaarlozen kans is dat EP 894 in oppositie zal worden herroepen of in een bodemprocedure voor de Nederlandse rechter zal worden vernietigd.

LS&R 2076

Uitspraak ingezonden door Tjibbe Douma en Alexandra Michel, Bird & Bird,en Gertjan Kuipers en Carlos van Staveren, De Brauw Blackstone Westbroek.

Geslaagde opeising van octrooiaanvragen

Hof Den Haag 20 feb 2022,, LS&R 2076; ECLI:NL:GHDHA:2022:862 (Ferring tegen geïntimeerde c.s.), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geslaagde-opeising-van-octrooiaanvragen

Hof Den Haag 22 februari 2022, IEF 20782, LS&R 2076; ECLI:NL:GHDHA:2022:862 (Ferring tegen geïntimeerde c.s.) Ferring houdt zich bezig met de ontwikkeling en verkoop van farmaceutische producten. Geïntimeerde 2 was vroeger werkzaam voor Ferring in de Verenigde Staten en heeft na zijn tijd bij Ferring een internationale octrooiaanvrage gedaan, waarin hij wordt vermeld als uitvinder. Deze aanvrage heeft geleid tot een Europese octrooiaanvrage EP 419, divisionals en niet-Europese aanvragen. Ferring meent dat de uitvinding niet door geïntimeerde 2 is gedaan, maar door werknemers van Ferring. Ferring enerzijds en Reprise, geïntimeerde 2, Allergan en Serenity zijn jaren verwikkeld in een wereldwijd geschil ten aanzien van octrooirechten en octrooiaanvragen betreffende desmopressine.